€ 25,95
Met bijna vierhonderd scholen is het daltononderwijs de omvangrijkste vernieuwingsrichting in Nederland. De oorsprong is Amerikaans: het Dalton Plan van Helen Parkhurst uit het begin van de twintigste eeuw. Hoe zagen de praktijk en de theorie van Dalton Plan eruit? En welke praktijken en theorieën zijn van invloed geweest op de ontwikkeling ervan? We onderzoeken de oorsprong van het daltononderwijs: het ontstaan, de aard en de verantwoording van het Dalton Plan. De aandacht gaat vooral uit naar de achtergronden in de filosofie, de biologie, de psychologie en de pedagogiek, onder meer naar de relatie met de ideeën van Montessori en Dewey en met het efficiency-denken. Het onderzoek zet het werk van Parkhurst in een nieuw licht. Het herschrijft haar onderwijspedagogiek. De traditionele interpretatie in termen van de drie principes (vrijheid, samenwerking en zelfstandigheid) is aan revisie toe. Dit is de eerste uitgave in een reeks boeken over daltononderwijs. Na deze historisch-theoretische studie komen er onder meer een biografie van Parkhurst, een geschiedenis van het daltononderwijs in Nederland en boeken over daltondidactiek, onderwijseffectiviteit en de taken van de school.
€ 25,95
Drs. René Berends is werkzaam aan de pabo van Saxion in Deventer. Hij is daltonopleider en doet, als lid van de kenniskring van het daltonlectoraat, onderzoek naar daltononderwijs. Er is in Nederland een toenemende belangstelling voor het gedachtegoed van het daltononderwijs. Voor veel ouders, leerkrachten en schooldirecteuren bieden de principes van deze vorm van vernieuwingsonderwijs richting bij de verdere ontwikkeling van hun school. De oorsprong van het daltononderwijs ligt in Amerika. Ruim honderd jaar geleden, in de herfst van 1904, begon Helen Parkhurst haar onderwijscarrière op het platteland van Wisconsin. Zij leerde haar leerlingen zelfstandig aan taken te werken, die zij in vrijheid en naar eigen inzicht mochten plannen en uitvoeren en waarbij ze elkaars hulp en de hulp van de leerkracht mochten inschakelen. Sindsdien is het daltononderwijs geëvolueerd, maar de essentie van wat Parkhurst beoogde, is gebleven. Met het stijgen van de populariteit van het daltononderwijs groeit ook de behoefte aan informatie over het leven van Parkhurst, haar ideeën en over haar eigen onderwijsexperimenten. Deze biografie wil in die behoefte voorzien. Er wordt een beeld geschetst van een vrouw die het kind een stem wilde geven en daarin slaagde door haar onvermoeibaarheid en krachtige persoonlijkheid. Maar die gedrevenheid leidde ook tot conflicten, desillusies en teleurstellingen.
€ 69,50
Dit boek geef aan op welke wijze invulling gegeven kan worden aan de viewpoint: beheren onder architectuur of kortweg beheerarchitectuur. De architectuurraamwerken in de markt geven nagenoeg geen invulling aan het aspectgebied beheerarchitectuur. Beheer is geen viewpoint van waaruit de ICT-serviceverlening wordt beschouwd. Vanuit beheer is er in de gangbare best practices nagenoeg geen aandacht voor architectuur. Dit boek geef aan op welke wijze invulling gegeven kan worden aan de viewpoint: beheren onder architectuur of kortweg beheerarchitectuur. Veel beheerorganisaties zijn al jaren bezig met het vormgeven van de beheerorganisatie door vanaf de werkvloer te kijken wat er fout gaat en op basis daarvan verbetervoorstellen te formuleren. Hierbij wordt meestal gebruik gemaakt van beheermodellen, zoals ITIL, ASL en BISL, omdat deze veel best practices bevatten en omdat voor deze modellen volwassenheidsniveaus definiëren waarmee de volwassenheid van de beheerorganisaties middels een audit vastgesteld kan worden. Op deze wijze wordt de volwassenwording meetbaar, planbaar en aan het management verkoopbaar.
€ 88,50
Dit boek beschrijft de best practices om er achter te komen wat de prestatie-indicatoren zijn die gemeten moeten worden om de tevredenheid van de klant te borgen. Het belangrijkste bij het leveren van een service is dat de klant tevreden is over de geleverde prestaties. Door deze tevredenheid verkrijgt de leverancier heraankopen, wordt hij gepromoot in de markt en is de continuïteit van het bedrijf geborgd. Wellicht nog het belangrijkste aspect van deze klanttevredenheid voor een leverancier is dat de betrokken medewerkers een drive krijgen om hun eigen kennis en kunde verder te ontwikkelen om nog meer klanten tevreden te stellen. Dit boek beschrijft de best practices om er achter te komen wat de prestatie-indicatoren zijn die gemeten moeten worden om de tevredenheid van de klant te borgen. Het eerste deel beschrijft de verschillende gezichtspunten om een Service Level Agreement (SLA) op te stellen zijnde product, service, proces en besturing. Het tweede deel beschrijft de documenten die van toepassing zijn om de afspraken in vast te leggen. Het opstellen, afspreken, bewaken en evalueren van serviceafspraken is een vak op zich. Het derde deel geeft de gereedschappen om hier adequaat invulling aan te geven. De werkzaamheden rond serviceafspraken herhalen zich in de tijd. Deel vier beschrijft hoe deze werkzaamheden in een proces gevat kunnen worden en hoe dit proces het beste in de organisatie kan worden vormgegeven. Tot slot bespreekt dit boek een aantal raakvlakken van serviceafspraken en een tweetal artikelen met SLA Best Practices.
€ 39,95
Invulling aan Agile design, rekening houdend met type informatiesysteem (System of Record/System of Engagement). Design views: business, solution, requirements, test , code. Het bestaansrecht van een design (ontwerp) voor een informatiesysteem is de laatste jaren bij veel organisaties in twijfel getrokken. De klassieke rechtvaardiging van het bundelen van informatie over een informatiesysteem en het vooraf nadenken over de contouren van het te realiseren informatiesysteem worden gezien als achterhaald door de Agile manier van werken en het idee van ‘the three amigo development strategy’. Ook het tijdens een Agile project vastleggen van het design van het informatiesysteem (emerging design) wordt door menig organisatie nagelaten. Hierbij wordt echter voorbijgegaan aan de klassieke rechtvaardiging van een design en dat is dat een design ook bedoeld is voor kennisoverdracht, ondersteuning van beheer en het nakomen van wet- en regelgeving. Dit boek beschrijft hoe invulling gegeven kan worden aan een Agile design, rekening houdend met het type van informatiesysteem (System of Record/System of Engagement). Hierbij wordt het design opgedeeld in de volgende views: business, solution, design, requirements, test en code view. Het Agile design omvat de gehele lifecycle van het informatiesysteem. De eerste drie views worden invulling gegeven op basis van moderne ontwerptechnieken zoals de value stream mapping en use cases. De nadruk van het invulling geven aan een Agile design ligt echter in de realisatie van het informatiesysteem en wel door het Agile design te integreren in de test driven development aanpak en het continuous documentation gedachtegoed. Met deze Agile benadering van een design heeft u een krachtig gereedschap in handen om grip te krijgen op een Agile ontwikkelproject.
€ 39,95
Dit boek definieert eerst de risicogebieden bij het invoeren van Scrum en Kanban. Daarna worden de diverse Agile begrippen en concepten besproken. Het toepassen van Agile software development neemt een grote vlucht. De termen Scrum en Kanban zijn al ingeburgerd bij menig organisatie. Agile software development stelt andere eisen aan de invulling van beheer van programmatuur. Veel organisaties zijn dan ook bezig om zich over deze nieuwe uitdaging te buigen. Vooral de interactie tussen het scrum ontwikkelproces en het beheren van de progammatuur die het Scrum ontwikkelproces heeft opgeleverd is hierbij een belangrijk aspectgebied. Dit boek bespreekt juist deze interactie. Voorbeelden van onderwerpen die hierbij ter sprake komen zijn het service portfolio, SLA's en de afhandeling van incidenten en wijzigingsverzoeken. Dit boek definieert eerst de risicogebieden bij het invoeren van Scrum en Kanban. Daarna worden de diverse Agile begrippen en concepten besproken. De invulling van Agile service management is zowel op organisatieniveau als op procesniveau beschreven. Hierbij zijn per beheerproces de relevate risico's benoemd. Tevens is aangegeven hoe hier binnen de context van Scrum invulling aan gegeven kan worden. Dit boek is slechts één van de praktische uitwerkingen van best practices die in een reeks van publicaties door deze auteur zijn uitgebracht.
€ 39,95
De doelgroep van dit boek omvat alle partijen die betrokken zijn bij de toepassing van Agile software ontwikkeling en die graag eens willen weten hoe collega's deze cruciale interface voor een succesvolle serviceverlening hebben vormgegeven. Veel bedrijven zijn bezig om Agile software ontiwikkeling toe te gaan passen in de vorm van Scrum of Kaban of hebben het nieuwe ontwikkelproces al in gebruik genomen. Vroeg of laat komt dan de vraag hoe dit ontwikkelproces zich verhoudt tot de beheerprocessen. In het boek 'Agile Service Management met Scrum' is al naar deze interface gekeken en zijn een aantal risico's per beheerproces onderkend. Tevens zijn tegenmaatregelen gedefinieerd die genomen kunnen worden. In een onderzoek bij tien organisaties zijn deze risico's voorgelegd en is gevraagd hoe zij met deze risico's zijn omgegaan. Tevens is onderzocht welke Agile aspecten worden toegepast en in het bijzonder die van scrum of Kaban. Tot slot is door elke organisatie een volwassenheidsassessment uitgevoerd voor het Agile ontwikkelproces. Dit boek is het rapport over het onderzoek naar de samenwerking van Agile software ontwikkeling en beheerprocessen in de praktijk. De doelgroep van dit boek omvat alle partijen die betrokken zijn bij de toepassing van Agile software ontwikkeling en die graag eens willen weten hoe collega's deze cruciale interface voor een succesvolle serviceverlening hebben vormgegeven. In dit boek is tevens van elke organisatie een korte beschrijving gegeven over de wijze waarop het Agile ontwikkelproces is vormgegeven.
€ 19,95
2e druk - Zelfsturend leren: hoe leer je dat je leerlingen? Wat kun jij als leerkracht doen? Zelfsturend leren: hoe leer je dat je leerlingen? Wat kun jij als leerkracht doen? Over deze vragen is het lectoraat Vernieuwingsonderwijs in 2014 een samenwerking aangegaan met onderwijsprofessionals van acht daltonscholen, een freinetschool en het Welten-Instituut van de Open Universiteit. Vanuit deze samenwerking is het project iSelf ontstaan. Onderdeel van dit project is de professionaliseringsaanpak iSelf. Deze aanpak is ontwikkeld op basis van wat uit wetenschappelijk onderzoek bekend is over hoe je zelfsturend leren effectief moet bevorderen. iSelf leert leerkrachten om te gaan met kennis over zelfsturend leren. Er worden leerstrategieën aangereikt om te oefenen en om zelfsturend leren in de eigen lessen te kunnen integreren. De pijlers van iSelf zijn: (1) expliciete instructie van zelfsturend leren, (2) integratie van de instructie van zelfsturend leren met de lesstof en (3) aansluiten op het individu. Toepassen van iSelf op de eigen school betekent dat je van en met elkaar leert. Deze insteek houdt in dat collega’s elkaar coachen en ondersteunen bij het toepassen van de pijlers die in dit handboek worden beschreven. Allereerst wordt ingegaan op de didactiek van iSelf en hoe deze concreet invulling krijgt in de lesvoorbereiding en –uitvoering. Vervolgens wordt beschreven hoe collega’s elkaar kunnen begeleiden in het bevorderen van zelfsturend leren aan de hand van iSelf. Het is de bedoeling dat lerarenteams samen leren omgaan met kennis over zelfsturend leren en leraren inzichten zelf toepassen in de les. Auteurs van deze publicatie zijn: Patrick Sins, Alieke van Dijk, Jory Tolkamp, René Berends, Emmy Vrieling, Conny Senders, Ineke Vermeulen, Anjo Mooren, Judith Smetsers, Margreet de Boer, Hanneke Kroes, Willem Snel, Michelle Tiecken, Ellen van Drunen, Martineke van Heusden, Elke Melody, Marja Bus-sink, Alja de Lange, Hans Schemkes, Annelies Lubbers en Monique Hessels.
€ 25,95
Groep 3 daltonproof biedt leraren inzicht in hoe het onderwijs in groep 3 flexibel vormgegeven kan worden. Het boek biedt praktische ideeën voor het breed vormen van kinderen in groep 3. In 1985 is het basisonderwijs ingevoerd. De fusie van de kleuter- en lagere school had tot doel om een ononderbroken ontwikkelingslijn te creëren, om het onderwijs meer af te stemmen op de behoeftes en interesses van de kinderen en om de verworvenheden van het kleuteronderwijs meer te benutten, onder andere in groep 3. De pabo van Saxion organiseert al enige jaren een netwerk voor daltonleraren in groep 3. De leraren van dit netwerk geven aan dat de praktijk van het onderwijs in veel groepen 3 helaas vaak het tegenovergestelde laten zien van wat oorspronkelijk de bedoeling was. Werkwijzen uit de ‘oude’ lagere school zijn gemeengoed geworden in de onderbouwgroepen. En leraren in groep 3 ervaren vaak zoveel druk door de overladenheid van het programma en door de focus op hoge meetbare opbrengsten, dat er te weinig werk gemaakt kan worden van het creëren van een doorgaande lijn tussen de onderbouwgroepen en groep 3. De deelnemers van het netwerk ‘Dalton in 3’ geven bovendien aan het lastig te vinden om werk te maken van de daltonvisie van de school in hun groep. Groep 3 daltonproof biedt leraren inzicht in hoe het onderwijs in groep 3 flexibel vormgegeven kan worden. Centraal daarbij staat het werken vanuit de daltonvisie. Het boek biedt praktische ideeën voor het breed vormen van kinderen in groep 3 en voor het idee om kinderen te leren meer ‘chef’ te laten zijn over het eigen leren. Want dat is waar daltononderwijs naar streeft: kinderen niet voor de juf of de meester te laten werken, maar voor zichzelf.
€ 22,95
In deze bundel doen verschillende auteurs verslag van het onderwijsonderzoek dat plaatsvindt in het (traditioneel) vernieuwingsonderwijs en ze laten zien wat de opbrengsten zijn voor de praktijk. Sinds de jaren ‘60 is de populariteit van (traditioneel) vernieuwingsonderwijs gegroeid en is het aantal scholen toegenomen. Met bijna negenhonderd scholen maakt het montessori-, dalton-, jenaplan-, vrijeschool-, freinet- en ontwikkelingsgericht onderwijs momenteel substantieel deel uit van het Nederlandse onderwijsbestel. Ruim tien procent van het totaal aantal scholen is een (traditionele) vernieuwingsschool. Decennialang zijn deze scholen een voorbeeld geweest voor tal van andere onderwijsinnovaties in Nederland. En nieuwe ontwikkelingen vinden nog volop plaats. Zoals onderwijsonderzoek naar thema’s als burgerschaps-onderwijs, persoonsvorming, zelfsturend leren, ondernemingszin en historisch redeneren. In deze bundel doen verschillende auteurs verslag van het onderwijsonderzoek dat plaatsvindt in het (traditioneel) vernieuwingsonderwijs en laten ze zien wat de opbrengsten zijn voor de praktijk. Deze bundel is het resultaat van een samenwerking van het lectoraat Vernieuwingsonderwijs van Saxion Hogeschool en Hogeschool Thomas More, het lectoraat Waarde(n) van vrije-schoolonderwijs van Hogeschool Leiden en De Activiteit, het onderzoeks-, nascholings- en ontwikkelinstituut voor Ontwikkelingsgericht Onderwijs. Op deze instituten trekken onderzoekers samen op met leraren, organisaties en scholen om aan de hand van onderzoek de kwaliteit van het (traditioneel) vernieuwingsonderwijs en de professionalisering van leraren te bevorderen. In vijftien bijdragen kom je in verbinding met het onderzoek dat er binnen het (traditioneel) vernieuwingsonderwijs wordt gedaan en kom je erachter wat scholen eraan hebben gehad. Je leert de praktijken van verschillende (traditionele) vernieuwingsscholen beter kennen en je neemt kennis van de bevindingen uit het onderwijsonderzoek als inspiratie voor je eigen onderwijs.
€ 25,95
Een montessorischool is een school waar volgens het pedagogische concept van Maria Montessori gewerkt wordt. Haar gedachtegoed wordt door montessorianen niet alleen als inspiratiebron gebruikt, maar toch vooral ook als een leidraad gezien voor het vormgeven van een montessorionderwijspraktijk, want Montessori’s uitgangspunten worden ook in deze moderne tijd nog altijd als waardevol gezien en gebruikt om er onderwijs op te bouwen. Toch is er wel discussie. Het is nooit echt duidelijk geworden tussen welke uitersten de praktijk van het montessorionderwijs mag bewegen en welke variaties er mogelijk zijn binnen het concept. Dat betekent dat het gedachtegoed voor een deel bloot staat aan interpretaties. Daarnaast is er ook de breed gedragen wens om het montessoriconcept door te ontwikkelen. Er komen nieuwe materialen op de markt en vanuit het oorspronkelijke gedachtegoed worden antwoorden gezocht op vragen die de moderne tijd aan professionals en aan schoolteams stelt. Op zulke vragen zoeken alle montessorianen antwoorden. Iedere onderwijsprofessionals binnen de beweging reflecteert op het gedachtegoed en op zijn eigen praktijk en daarbij ontwikkelt hij een perspectief op wat de essentie van het montessorigedachtegoed in de 21ste-eeuw inhoudt: waartoe voeden we kinderen op? En op welke wijze kunnen we de daarbij gestelde doelen op een effectieve en efficiënte manier realiseren? In Perspectieven op Montessori komen tien ervaren collega’s aan het woord over hun persoonlijke perspectief op montessorionderwijs. De bedoeling daarvan is niet om een soort ‘grootste gemene deler’ te zoeken, maar om de lezer aan het denken te zetten over het eigen perspectief en op zoek te gaan naar eigen antwoorden op wat montessori in deze tijd betekent. De tien geïnterviewde collega’s zijn opleiders, begeleiders en directeuren: Daniëlle Teunissen-Kanters, Debbie van de Burgh, Irma Pieper, Jaap de Brouwer, Joëlle de Groot, Liene Hendriksen, Maaike Kramer, Maarten Stuifbergen, Robert van Woudenberg en Tessa Wessels. Het boek wordt afgesloten met een hoofdstuk waarin Patrick Sins de tien bijdragen samenbrengt en becommentarieerd.
€ 19,95
De auteurs hebben gezocht naar wat zij gemeenschappelijk vinden dat er (minimaal) op een daltonschool te zien moet zijn. In maart 2018 heeft de Nederlandse Dalton Vereniging het boekje DaltoniDee uitgebracht. Daarin geeft de vereniging kort en krachtig de essentie weer van modern daltononderwijs. De beschrijving van de essentie van de daltonidentiteit is sinds de introductie van het Dalton Plan van Helen Parkhurst in Nederland periodiek uitgevoerd. Telkens hebben daarbij de vragen centraal gestaan wat kenmerkend is voor daltononderwijs en wat onderscheidend is. Bij een beschrijving van een daltonidentiteit kom je veelal uit op het formuleren van een soort ‘grootste gemene deler’ en dat is bij DaltoniDee ook gebeurd. De auteurs hebben gezocht naar wat zij gemeenschappelijk vinden dat er (minimaal) op een daltonschool te zien moet zijn. Gelijktijdig roept het daltongedachtegoed ook om als leraar, directeur, opleider en bestuurder op zoek te gaan naar je eigen visie. De vraag is essentieel hoe jij zelf daltonkwaliteit definieert en hoe die kwaliteit zichtbaar gemaakt kan worden in de praktijk. Perspectief nemen, ook ten aanzien van wat je als de essentie van het daltongedachtegoed ziet, hoort bij dalton. Een ‘grootste gemene deler’ mag ons dan als daltonianen binden, je eigen perspectief innemen laat daltonianen juist van elkaar verschillen. In Perspectieven op Dalton laten acht daltonopleiders de lezer kennismaken met hun persoonlijke visie op daltononderwijs. Het doel ervan is om met deze acht uitgewerkte voorbeelden leraren(teams) te helpen bij het formuleren van eigen perspectieven. Daltononderwijs vraagt immers van leraren om antwoorden te kunnen geven op de vraag waartoe je kinderen op een daltonschool opvoedt en onderwijst en waarom je de dingen in je daltonschool doet, zoals je ze doet. Het boek wordt afgesloten met een hoofdstuk waarin Patrick Sins de acht bijdragen samenbrengt en op basis daarvan een eigen visie inbrengt. Patrick Sins is als lector verbonden aan het lectoraat Vernieuwingsonderwijs bij Saxion in Deventer en Thomas More Hogeschool in Rotterdam. René Berends is werkzaam aan de pabo van Saxion in Deventer. Hij is daltonopleider en onderzoeker bij het lectoraat Vernieuwingsonderwijs. Dick de Haan is werkzaam aan de pabo van Hogeschool Utrecht en daltonopleider bij Daltonvenster. Dolf Janson is daltonopleider bij Janson Academy en bestuurslid van de sectie daltonnascholers en -opleiders (DNO) van de NDV. Glenda Noordijk is daltonopleider bij Noordijkdaltonadvies. Rietje Voorn is daltonopleider bij Rietje Voorn Advies. Annemarie Wenke is daltonopleider bij Wenke Perspectief. Brigitte Witmus is werkzaam aan de Thomas More pabo in Rotterdam. Zij is daltonopleider en lid van de kenniskring van het lectoraat Vernieuwingsonderwijs. Hans Wolthuis is werkzaam aan de pabo van Saxion in Deventer. Hij is daltonopleider en lid van het bestuur van de Nederlandse Dalton Vereniging